The Story Corner

Vind de woorden die jij wilt horen!

Het Grote Plan – Deel III – de hele wereld in oorlog

Tot dusver hebben we de voorgeschiedenis van een opkomende wereldmacht bekeken. Maar wie is die wereldmacht nu? Zijn het de Verenigde Staten, die in het oog van het publiek momenteel de leidende wereldmacht zijn, is het de Verenigde Naties, die door de gehele 20ste eeuw enorm veel grondgebied heeft verworven in hun quest naar wereldwijde democratie? Zijn het de Russen of de Chinezen die beide rustig achter de schermen van de westerse media afwachten? Of zijn het de extremistische Moslims die zich momenteel verzetten tegen het democratiseren van het Midden Oosten? In deel drie ga ik vertellen hoe dezelfde patronen in de wereldgeschiedenis zich herhalen en hoe de elite hun vinger in de pap hebben om de gele wereld in oorlog te storten.

Intussen was de Nationale Bank in Duitsland onder toezicht gekomen van de staat zelf. In 1901 werd de Rothschildbank in Frankfurt van Amschel, broer van Nathan, opgeheven omdat hij geen kinderen had. Ook broer Salomon in Wenen en broer Carl in Napels wisten geen opvolger te bewerkstelligen waardoor de Rothschilds langzaam hun grip over centraal Europa verloren. Dit maakte het mogelijk dat in het begin van de twintigste eeuw Duitsland tot een economisch grootmacht uitgroeide, op een eerlijke hardwerkende manier. ‘Arbeit macht frei’, ofwel arbeid maakt vrij, vrij van de geprivatiseerde banken in dit geval. Duitsland, bondgenoten van Oostenrijk-Hongarije en Italië, stonden op de vooravond van de Eerste Wereldoorlog tegenover de geallieerden van Groot-Brittannië, Frankrijk en Rusland, die grotendeels onder de macht stonden van de geprivatiseerde banken van Nathan (in Londen) en James (in Parijs) Rothschild.

 

De geschiedenisboeken vertellen vaak dat het verwerven van koloniale territoria hier een grote rol speelt. Als je naar de feiten kijkt klopt dit echter niet. Duitsland was, ondanks het gebrek aan koloniën economisch sterker dan Frankrijk en Engeland, die beide veel meer koloniën bezaten. Wilde één van die twee meer koloniën in bezit krijgen, zouden zij dus eerder tegen elkaar moeten vechten in plaats van zich samen sterk te maken tegen Oostenrijk-Hongarije en Duitsland. Dit motief kunnen we dus uitsluiten. Wat waren wel de motieven? Eerst gaan we even de situatie bekijken aan de andere kant van de Atlantische Oceaan.

Ondertussen werd er in Amerika volop gepland om de controle daar weer terug te krijgen. De Second Central Bank of the United States was al sinds 1836 opgeheven en de Rothschilds moesten dit vroeg of laat opnieuw gaan bewerkstelligen. Hoewel men sinds de moord op Lincoln het geld moest lenen bij de geprivatiseerde banken, was de macht van de banken nog beperkt zolang de staat niet onder controle stond van één centrale bank. Om dit te bewerkstelligen komen we weer terecht bij een grote cover-up. Nu was het, zoals ik in het eerste artikel al had uitgelegd, voor de banken gewoon geworden om meer geld uit te lenen dan zij eigenlijk in de kluis hadden. Het probleem kwam echter pas aan het licht wanneer mensen meer geld kwamen ophalen dan dat er in de kluis lag. Denk maar aan hoe de eerste bank in Frankrijk van John Law onderuit ging (zie mijn artikel ‘De eerste bank ging ook al op zijn gat’).

De rijke Rothschilds en aangetrouwde bankiers waren zich hier als geen ander van bewust. Zij hadden intussen genoeg fortuin om elkaar te dekken wanneer één van hun zoiets overkwam. Om geprivatiseerde concurrenten uit te schakelen hielp J.P. Morgan, ook aangetrouwde familie van de Rothschilds, in 1907 een rumoer de wereld in dat onder andere de Knickerboxer Trust Company, één van zijn grootste concurrenten, geen geld meer had in hun kluis. Er ontstond een massale bankrun, die zelfs tot in Europa nog invloed had. De concurrerende banken waren nu massaal gedwongen geld te lenen, en van wie? Van de Rockefellers (schoonvader van J.P. Morgan, dus ook aangetrouwd aan de Rothschilds) en de Morgans. Als helden kwamen ze naar voren wanneer ze vele miljoen in de bank staken om die zogenaamd te redden.

De bankrun creëerde zoveel angst onder de bevolking en de regering waardoor in 1913 de bankiers hun zin wisten door te drijven een wetsvoorstel door te laten voeren die het mogelijk maakte om de centrale bank het geld te laten ‘regulieren’ (lees : controleren). Hier werd dus hun gebruik gemaakt van de angst van het gewone volk op voor een nieuwe depressie, een depressie die zij zelf hadden veroorzaakt. En laten we onszelf niets wijsmaken, bij falen hadden ze het gewoonweg opnieuw geprobeerd.

Om weer als held naar voren te komen stelden zij voor het geld te regulieren en het recht om geld te drukken zodat er altijd genoeg geld zou zijn. Bij afwezigheid van een groot deel van het Amerikaanse Congress tekende Woodrow Wilson, destijds President van Amerika, op 23 december 1913 de Federal Reserve Act. Deze derde bank van Amerika moest meer controle geven aan de regering zelf. Men koos dus voor de naam Federal Reserve Bank, in plaats van Third Central bank of the United States zodat het leek alsof het een instelling van de overheid was zodat het vertrouwen van het volk gewonnen kon worden. Om er nog meer schijn aan te geven dat de FED (Federal Reserve Bank) een instelling van de Amerikaanse overheid zou moeten zijn, liet men in het wetsvoorstel de President 12 senatoren aanstellen als adviseurs over de subdivisies van de FED. Feit was echter dat het gewoonweg een privébank werd van Nelson Aldrich, schoonvader van de zoon van J.D. Rockefeller, dus van de Rothschilds en dat de staat wettelijk niets meer in te brengen had. Het werd weer tijd om een flinke oorlog te laten losbarsten zou je zeggen.

De burgemeester van New York, John F. Hylan, waarschuwde in 1911:

“Het werkelijke gevaar van deze tijd is de onzichtbare regering, met aan het hoofd deze groep bankiers, die als een octopus onze stad, staat en natie in zijn greep heeft.”

De Eerste Wereldoorlog

Officieel begint de Eerste Wereldoorlog met het vermoorden van Franz Ferdinand. 28 juni 1914 werd Ferdinand en zijn vrouw doodgeschoten tijdens een bezoek aan Bosnië en Herzegovina. Servië werd door Oostenrijk-Hongarije verantwoordelijk gehouden van het vermoorden van hun troonopvolger. Pas een paar weken later, op 23 juli kwam Oostenrijk met een ultimatum voor Servië. Er waren tien punten die binnen 48 uur voldaan moesten worden. Punt 6 hield in dat ze onder leiding van Oostenrijks-Hongaarse officials juridische maatregelen moesten nemen tegen de moordenaars van Franz Ferdinand. Servië vond het toelaten van de Oostenrijks-Hongaarse politie te ver gaan, ging niet in op die eis en vervolgens verklaarde Oostenrijk-Hongarije de oorlog aan Servië.

Iedereen die een beetje geschiedenis heeft gestudeerd weet dat hier meer achter moet zitten. Natuurlijk waren er veel etnische spanningen en men stond met de industriële revolutie op het punt in de geschiedenis dat oorlogvoeren supersnelle ontwikkelingen doormaakte. Vliegtuigen, tanks en stalen schepen maakte oorlogvoeren heviger dan ooit tevoren. Er zijn dus partijen die aan de ene kant graag zouden kapitaliseren op de nieuwe manieren van oorlogvoeren en aan de andere kant zouden regeringen ook angstiger kunnen zijn voor het voeren van oorlog. Een kat in het nauw maakt rare sprongen en dat zou er dus ook toe kunnen hebben bijgedragen de knoop door te hakken. Maar wat de echte redenen zijn die de doorslag hebben gegeven zijn nooit in de geschiedenisboeken opgeschreven. Hier kunnen we alleen op zoek gaan naar motieven.

Winston Churchill, destijds Brits staatsman, had onderzoek laten doen wat de politieke impact zou zijn als de Duitsers een Amerikaans passagiersschip zouden laten zinken. Kolonel Edward Mandell House, hoofdadviseur van President Wilson, en Sir Edward Grey, secretaris van buitenlandse zaken in Engeland spraken elkaar over dit onderwerp. Grey vroeg aan House wat er zou gebeuren als de Duitsers een boot met Amerikaanse passagiers zou laten zinken. House antwoordde dat dit genoeg zou zijn om Amerika te laten meedoen in de oorlog. Een paar dagen later voer de Lusitania 1200 passagiers van New York richting Liverpool.

Hoewel Engeland in oorlog was en deze wateren dus eigenlijk te gevaarlijk was om er passagiers door te laten varen, drong Churchill erop aan zoveel mogelijk vaarverkeer te bewerkstelligen tussen Amerika en Engeland. Wat bijzonder was aan de Lusitania, was dat ondanks het feit dat het hier om een passagiersschip ging, het schip volgepropt werd met munitie. Officials hebben dit jarenlang ontkent, maar uiteindelijk kwam de waarheid toch naar buiten toen men de wrakstukken vond. Duitsland waarschuwde het Amerikaanse volk nog niet aan boord te gaan omdat er gevaar bestond dat deze tot zinken gebracht zou worden, zeker als er zoveel munitie aan boord zou zijn.

De Lusitania werd echter geraakt door een torpedo bij de zuidkust van Ierland waardoor er een kleine explosie ontstond door de inslag van de torpedo, gevolgd door een grote explosie, wanneer de munitie zelf ontplofte. Vervolgens werd er in de Amerikaanse media massaal bericht gedaan van 1260 doden waaronder minstens 100 kinderen jonger dan 2 jaar en zeker 128 Amerikanen. Dit zorgde ervoor dat Amerika mee ging doen in de oorlog.

Duitsland kreeg de schuld van de oorlog, hoewel Oostenrijk-Hongarije deze begonnen was. Het Verdrag van Versailles werd opgesteld, buiten de aanwezigheid van Duitsland om en vervolgens werd Duitsland gedwongen deze te ondertekenen. Onder de vele voorwaarden werd uiteindelijk in 1921 een geldbedrag van 132 miljard goudmark geëist. Duitsland kwam onder de macht te staan van nationaal socialisten, die geld uitleende aan het volk, zonder rente. Dit zorgde ondanks de oorlogsschuld, die de Duitsers zeer onterecht vonden, voor een enorme spurt in de economie, de media sprak van ‘the German Miracle’ en Adolf Hitler, sinds 1933 leider van de nationaal socialistische partij, verscheen zelfs op de cover van Time magazine als ‘man of the year’ dankzij dit economische herstel. Duitsland was niet verslagen en de Rothschilds en familie hadden geen vaste voet aan de grond weten te krijgen in Duitsland. Wel moesten zowel Frankrijk, Engeland als Amerika om de kosten van de oorlog en wederopbouw te dekken, enorme bedragen geld gaan lenen van de bank. Alleen Amerika al moest 30 Miljard dollar lenen van de Federal Reserve.

Eigenlijk is het allemaal heel simpel voor de magnaten. Zorg voor oorlog zodat de regering enorme bedragen moet steken in het wapenen van het land. De grootste wapen, staal en olie-industrie, allemaal onder controle van de Rothschild familie, verdienen hier al flink op. Maar dat is slechts het begin. Na de oorlog moet het land in wederopbouw en moet enorme bedragen lenen van diezelfde magnaten om het land opnieuw op te bouwen. Bedragen die weer uitgegeven worden aan staal en oliemaatschappijen onder controle van dezelfde magnaten. Daar bovenop komt nog de enorme rente die jarenlang betaald moet worden. Dit is dus niet een win-win, maar een win-win-win-win situatie voor de elite. Woodrow Wilson begon in te zien wat hij had gedaan en zei:

“I am a most unhappy man. I have unwittingly ruined my country. A great industrial nation is controlled by its system of credit. Our system of credit is concentrated. The growth of the nation, therefore, and all our activities are in the hands of a few men. We have come to be one of the worst ruled, one of the most completely controlled and dominated Governments in the civilized world no longer a Government by free opinion, no longer a Government by conviction and the vote of the majority, but a Government by the opinion and duress of a small group of dominant men.”

De roaring 20s

En hoe. De pogingen om geld en dus macht te vergroten stapelden zich op. Nu Amerika weer onder één centrale particuliere bank stond, kon het volgende patroon zich laten zien. De Eerste Wereldoorlog was in volle gang en er moest enorm veel geld uitgeleend worden aan een aantal landen. De Federal Reserve besloot meer geld bij te gaan drukken en dat vervolgens uit te lenen. Door het bijdrukken van het geld verloor het langzaam zijn algemene waarde, dat noemen we inflatie. Het uitgeleende geld was dus bij terugbetalen minder waard en feitelijk moest er meer arbeid verricht worden de hetzelfde hoeveelheid geld. Daarnaast moest er ook nog rente betaald worden over het bedrag. Meer controle voor de elite, die alle kansen aangrijpen om zichzelf meer en meer te verrijken.

In de jaren na de Eerste Wereldoorlog begon de FED druk leningen aan jan en alleman uit te lenen waardoor de geldvoorraad bijna verdubbelde. Vervolgens begonnen ze in 1919 grote delen van de uitstaande leningen op te eisen. Het resultaat? De volgende crisis in 1920. Meer dan 4000 kleinere banken gingen op hun gat. Na een klein economisch herstel ging de FED gewoon doodleuk verder met geld uitlenen aan bedrijven. De geldvoorraad ging weer omhoog met 62%. In 1929 werd er weer en nieuwe crash gemanipuleerd. Een nieuwe manier van beleggen, de ‘margin loan’ was een manier van beleggen waar je 90% van je belegging een lening is. Deze manier van beleggen was enorm populair geworden omdat het veel toegankelijker was voor veel mensen. Morgan en vriendjes verkochten stilletjes hun aandelen en de leningen moesten plots massaal betaald worden. Er ontstond weer een run en ditmaal gingen er 16.000 banken er aan onderdoor. Amerika zat economisch op zijn knieën en de elite konden met hun fortuin (bijna gratis) boodschappen doen en naar hartenlust het ene na het andere bedrijf en de ene na de andere bank overnemen.

Weer zien we het patroon terugkomen hoe tegenstanders worden uitgeschakeld, zoals bij Abraham Lincoln, of hoe gepoogd worden ze uit te schakelen, zoals bij Andrew Jackson, als wij in de geschiedenis duiken van politicus Louis Thomas McFadden. Hij was tegenstander van het federale banksysteem en poogde een groepje Joodse bankiers te openbaren die de controle zouden hebben over het Witte Huis ten tijde van President Roosevelt. Hij zag precies wat wij hier hebben besproken in de afgelopen drie artikelen en probeerde dit aan de kaak te stellen. Vervolgens werd hij bestempeld als Nazisympathiesant en hij werd zelfs door de nazi’s werd geprezen voor zijn visie. Dat ging niet ten goede van zijn reputatie in de States, waar flinke anti-nazi propaganda op gang was gezet (later meer hierover). Hij hield niet op met zijn missie en zelfs niet toen ze voor zijn leven kwamen. Eerst werd hij beschoten en vergiftigd maar overleefde beide pogingen. Uiteindelijk moest hij de geest geven toen hij opnieuw vergiftigd werd tijdens een etentje in New York City op 3 oktober 1936.

Zogenaamd om de stabiliteit van de regering te vergroten werd in 1933 de goudstandaard verbroken. De Dollar was voorheen nog in te ruilen voor goud, maar nu moest al het goud van de bevolking naar de regering met straffe van 10 jaar indien men dat niet deed. Nu had de regering weer al het goud in bezit, maar deze moest goudcertificaten aan de FED uitgeven om het geleende geld te dekken. Met andere woorden, het beetje fortuin wat het volk nu had, moest verplicht naar de regering die het weer schuldig was aan de FED. De waarde van de Dollar was nu alleen nog maar afhankelijk van de hoeveelheid er in omloop was. Dat betekend dat vanaf dat punt de FED, die als enige legaal geld mag drukken, de totale macht over de economie heeft.

Ondertussen in Rusland

Aan het begin van de 20ste eeuw stond Tsaar Nicolas II van de Romanov dynastie aan de macht in de Russische Monarchie. In 1904 zag hij Japanse bewegingen richting Korea en China. Dit waren gebieden waar Rusland economische en militaire strategische belangen had. Nicolas II ging er toe over om oorlog te verklaren aan Japan. Japan had hulp gekregen van Groot-Brittannië en was voorzien van zeer voordelige leningen om deze oorlog te voeren, een duidelijke aanwijzing voor kapitalistische inmenging. Rusland had dit echter niet en de oorlog had een zeer negatief effect op de toch al arme, Russische bevolking die grotendeels afhankelijk was van de landbouw. Het zwakkere Russische leger verloor de oorlog van Japan. Dit leidde tot vele, bloedige opstanden en muiterijen door geheel Rusland heen.

Dit is enerzijds vreemd, aangezien de Tsaar verantwoordelijk was voor het verkorten van arbeidsuren, instellen van arbeidsongevallen compensatie en door het instellen van de leerplicht wiste hij het analfabetisme flink terug te dringen. Ook wist hij de langste spoorlijn ter wereld te realiseren, van Moskou naar Vladivostok. Dit had economisch weer veel goed gedaan. De Tsaar geloofde in het overleven van de sterkste, en met het idee dat welwillende Russen mogelijkheden werd geboden zich uit d armoede te werken. Dit werd moedwillig verkeerd begrepen en Nicolas werd gedwongen om in 1905 een parlement op te stellen zodat het (ambitieuze) volk meer inmenging kreeg in de politiek. Mannelijke arbeiders en boeren kregen stemrecht en drie politieke partijen zagen voor het eerst het levenslicht in Rusland, de Sociaalrevolutionaire partij, de Mensjewieken en de Bolsjewieken.

William Taft, President van de Verenigde Staten van 1909 tot 1913 zei over de Tsaar:

“The labour laws that Your Emperor has enacted are so perfect that no democratic country can boast anything similar.”

Toch werd de strenge Nicolas afgeschilderd als een monster toen Rusland weer zware verliezen leed tijdens de Eerste Wereldoorlog. Hoewel aangesloten bij Engeland en Frankrijk, hadden ze geen steun weten te krijgen en werden ze verslagen door de Duitsers. Dit betekende het einde van het Russische Tsarisme. De Februarirevolutie in 1917 was door het Russische leger niet meer de kop in te drukken, soldaten schoten hun eigen officieren neer, en het volk zelf kwam massaal in opstand. Regeren met de harde hand werd nu tegen het koningshuis zelf gebruikt. De Romanovs en hun hele staf werden eerst gevangengenomen en later geëxecuteerd.

In eerste instantie namen de democratisch ingestelde mensjewieken de macht over maar dat duurde maar kort. De Bolsjewieken onder leiding van Lenin namen de macht over na de Oktoberrevolutie, ingezet door de ontevredenheid van het volk door de inmenging in de Eerste Wereldoorlog. Lenin speelde op het feit de oorlog te stoppen en hiermee kreeg hij het grootste deel van het volk met zich mee. Toch gaven de Mensjewieken zich niet over. De ‘Witte Legers’ bestreden de ‘Rode legers’ van Lenin nog 3 jaar lang in een burgeroorlog. In 1921 besloot men dan toch een meer kapitalistisch systeem toe te gaan passen om het herstel van de economie te bewerkstelligen. Hoewel de rust grotendeels teruggekeerd was, was dit niet het einde van de mensjewieken. Incidenteel waren er nog steeds ongeregeldheden in een poging Rusland te kapitaliseren.

Daarnaast was er zware propaganda tegen het Communisme in de VS gaande. Denk maar aan de ‘1st Red Scare’ in 1912 toen er massaal bombardementen plaatsvonden in de huizen van prominente Amerikanen, waaronder de Rockefellers. Vreemd genoeg kwam er niemand om en waren er op de plekken van de aanslagen Communistische pamfletten gestrooid. Was dit alles de wraak van de Rothschilds voor het meehelpen van Rusland aan Lincoln? Een herhaling van patronen, vele bloedige opstanden en miljoenen doden die aanwijzen dat dit inderdaad het geval was. In 1927 Stierf Lenin waarna in 1928 Stalin de macht overnam. Hij maakte een einde aan het kapitalistisch gezinde economisch systeem en ging over tot het Communisme.

Zo hebben we gezien hoe men van Duitsland tot Engeland, van Engeland tot de VS, van de VS tot Japan en van Japan tot Rusland door middel van kapitaal oorlogen heeft gefinancierd met het doel de vrije hand te krijgen over de economie. Toch was men nog niet klaar, nog vele jaren van moord, corruptie, oorlogen en bedrog stonden nog te wachten voor de gehele wereldbevolking. Meer hierover in deel IV.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Laat een reactie achter

© 2018 The Story Corner

Thema door Anders Norén

close
Facebook Iconfacebook like buttonTwitter Icontwitter follow button